Vanaf 31 december 2026 geldt een nieuw wettelijk rechtsvermoeden voor zzp’ers met een laag uurtarief. De Eerste Kamer stemde op 16 juni 2026 in met de Wet invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief. Op 15 juli 2026 is vervolgens bij koninklijk besluit de ingangsdatum vastgesteld.
Wat verandert er?
Verdient een zzp’er minder dan € 38 per uur en doet hij of zij een beroep op het rechtsvermoeden? Dan wordt ervan uitgegaan dat sprake is van een arbeidsovereenkomst.
Het is vervolgens aan de opdrachtgever om aan te tonen dat er géén sprake is van een dienstverband.
Lukt dat niet, dan is er sprake van schijnzelfstandigheid. De zzp’er krijgt dan dezelfde arbeidsrechtelijke bescherming als een werknemer, zoals loondoorbetaling en ontslagbescherming.
Niet alleen het uurtarief telt
Het tarief is belangrijk, maar niet het enige criterium. Ook andere omstandigheden kunnen meewegen bij de beoordeling van de arbeidsrelatie. Denk bijvoorbeeld aan:
- de mate waarin iemand zelfstandig werkt;
- de gemaakte contractuele afspraken;
- de feitelijke uitvoering van het werk;
- de verhouding tussen opdrachtgever en opdrachtnemer.
Controleer je zzp-relaties op tijd
Werk je regelmatig met zelfstandigen? Dan is het verstandig om bestaande contracten en de dagelijkse samenwerking nog vóór de invoering opnieuw te beoordelen.
Wil je weten of jouw samenwerking met zzp’ers voldoende zelfstandig is ingericht? Neem contact op met Van Bergen, wij kijken graag met je mee.






