Navorderingstermijn schenkbelasting levenslang plus vijf jaar

Voor de inkomsten- en vennootschapsbelasting weten we dat de inspecteur in beginsel binnen drie jaar na afloop van het jaar de definitieve aanslag moet opleggen en tot vijf jaar na afloop kan navorderen. Gaat het om buitenlandsituaties, dan bedraagt de navorderingstermijn twaalf jaar. Maar hoe werkt dat bij de schenkbelasting? Nu dit ook een aanslagbelasting is, wordt er eveneens aangesloten bij de drie-, vijf- en twaalfjaarstermijnen uit de AWR. En toch is het waar dat in veel gevallen de termijn voor de inspecteur om schenkbelasting na te vorderen langer dan levenslang is. Hoe valt dat te rijmen met elkaar?

Voor de schenkbelasting is de regeling vrij complex. Het hangt ervan af of van de schenking of de gift aangifte schenkbelasting is gedaan. Is dat niet het geval, dan vangt de drie-, vijf- dan wel twaalfjaarstermijn aan na de dag van inschrijving van de akte van overlijden van hetzij de schenker, hetzij de begiftigde in de registers van de burgerlijke stand. Ofwel, pas nadat de eerste van de twee is overleden, begint de termijn voor de inspecteur te lopen. De reden hiervan is uiteraard dat de inspecteur anders helemaal geen kennis kan nemen van een bepaalde schenking of gift. Pas na een overlijden krijgt hij/zij immers doorgaans een aangifte erfbelasting waaruit deze mogelijk kan worden afgeleid.

Heb je schenkingen ontvangen die niet correct zijn aangegeven?

Bron: Fiscount