Hoe werkt versobering 30%-regeling door bij wisseling van werkgever?

Het derde standpunt van de Belastingdienst over de versobering van de 30%-regeling gaat over de werknemer die van werkgever wisselt. Hoe moeten dan de percentages worden berekend? Als de werknemer binnen 3 maanden een nieuwe werkgever krijgt en samen met die nieuwe werkgever een verzoek voor de 30%-regeling heeft ingediend, dan blijft de 30%-regeling gedurende de resterende looptijd van toepassing. Het gevolg is dat de nieuwe werkgever de eerdere looptijd aan de voorkant moet korten. Er kan niet opnieuw begonnen worden met een percentage van 30 voor 20 maanden. Hierna volgen twee praktische voorbeelden.

Voorbeeld 1
Een ingekomen werknemer heeft 21 maanden gebruik gemaakt van de 30%-regeling bij werkgever B. Na 21 maanden wordt zijn dienstbetrekking beëindigd. Na twee maanden krijgt hij een nieuwe baan bij inhoudingsplichtige C. Inhoudingsplichtige C moet dan rekening houden met de looptijd voordat A bij hem in dienst is getreden. Hij kan dan nog 17 maanden het percentage van 20 toepassen als maximale vergoeding en 20 maanden het percentage van 10. Als de werknemer een nieuwe werkgever krijgt en vervolgens opnieuw een ingekomen werknemer wordt, dan wordt de eventuele eerdere looptijd van de 30%-regeling gekort aan de achterkant. Er kan dan wel opnieuw begonnen worden met een percentage van 30 voor ten hoogste 20 maanden.

Voorbeeld 2
De werknemer woont in het buitenland en heeft 21 maanden gebruik gemaakt van de 30%-regeling bij werkgever B. Na 21 maanden wordt zijn dienstbetrekking beëindigd. Na vijf maanden krijgt hij een nieuwe baan bij werkgever C en wordt hij opnieuw een ingekomen werknemer. Werkgever C moet dan rekening houden met de looptijd van de bewijsregel bij inhoudingsplichtige B. Hij kan dan nog 19 maanden het percentage van 30 toepassen als maximale vergoeding en 20 maanden het percentage van 20.

Bron: Fiscount