Het kabinet stelt verschillende wijzigingen in box 2 en box 3 voor. Opvallend zijn vooral de plannen om de grens voor excessief lenen bij de eigen BV fors te verlagen en het heffingsvrije vermogen in box 3 bijna te halveren. Daar staat tijdelijk een lager hoog tarief in box 2 tegenover.
De maatregelen dienen onder meer als dekking voor de voorgestelde aanpassingen van het toekomstige box 3-stelsel en het koopkrachtpakket.
Hoog tarief box 2 tijdelijk naar 29,2%
Het kabinet stelt voor om het hoge tarief in de tweede schijf van box 2 voor de jaren 2027 tot en met 2030 met 1,8 procentpunt te verlagen naar 29,2%. Met het lagere tarief wil het kabinet onder meer stimuleren dat DGA’s extra dividend vanuit hun BV uitkeren.
Grens excessief lenen stapsgewijs naar € 100.000
Veel ingrijpender is het voorstel voor de Wet excessief lenen bij eigen vennootschap. Momenteel ligt de grens op € 500.000. Schulden van een DGA en diens partner aan de eigen BV boven deze grens kunnen als inkomen in box 2 worden belast.
Het kabinet wil deze grens vanaf 2027 in vijf stappen van € 80.000 verlagen:
- 2027: € 420.000
- 2028: € 340.000
- 2029: € 260.000
- 2030: € 180.000
- 2031: € 100.000
Leningen die voldoen aan de voorwaarden voor de eigenwoninguitzondering blijven volgens het voorstel buiten deze grens. Voor DGA’s met een aanzienlijke schuld aan de eigen BV kan dit voorstel grote gevolgen hebben. Het wordt daarmee belangrijk om tijdig naar de hoogte en samenstelling van deze schulden te kijken.
Heffingsvrij vermogen box 3 fors omlaag
Ook voor box 3 ligt een belangrijke wijziging op tafel. Het kabinet stelt voor om het heffingsvrije vermogen per 2027 te verlagen naar € 30.846.
Vanaf 2028, bij de beoogde invoering van het nieuwe box 3-stelsel, wordt dit vervangen door een heffingsvrij resultaat van € 1.000. Niet langer het vermogen zelf, maar een deel van het behaalde rendement wordt dan vrijgesteld.
Als voorbeeld noemt het kabinet een spaarder met een rente van 2%. Over de eerste € 50.000 aan spaargeld zou in dat geval geen box 3-belasting verschuldigd zijn.
Hoger forfait voor overige bezittingen
Voor 2027 wordt daarnaast voorgesteld om het forfaitaire rendement voor overige bezittingen met 1,5 procentpunt te verhogen.
Onder overige bezittingen vallen onder andere beleggingen, vorderingen en onroerende zaken. Hierdoor kan de box 3-heffing voor belastingplichtigen met dergelijke vermogensbestanddelen in 2027 hoger uitvallen.
Wat betekent dit voor DGA’s en vermogenden?
Vooral de voorgenomen verlaging van de grens voor excessief lenen vraagt aandacht. DGA’s met schulden aan hun BV kunnen door de stapsgewijze verlaging veel eerder met belastingheffing in box 2 te maken krijgen.
Ook de verlaging van het heffingsvrije vermogen en het hogere forfait in box 3 kunnen vanaf 2027 direct gevolgen hebben.
De voorstellen zijn nog niet definitief en moeten nog door het parlement worden behandeld. Het is daarom belangrijk de verdere besluitvorming te volgen en waar nodig tijdig de gevolgen voor de eigen situatie in kaart te brengen.





